Dankzij hem stond de gemeente Dordrecht vijftien jaar geleden aan de wieg van het digitaliseren van verordeningen. In al de jaren die volgden is hij betrokken gebleven en nu gaat hij met pensioen: juridisch controller Evert Jaquet. KOOP sprak hem op zijn een na laatste dag als ambtenaar in functie. De man met het grootste persoonlijke archief van de gemeente heeft een boodschap: “Koester wat we hebben, realiseer je wat het ons heeft gebracht en blijf meedenken over hoe het nog mooier kan worden.”
Beeld: © Logius | KOOP
Evert Jaquet in ‘zijn’ Dordrecht
Hoe ben je betrokken geraakt bij het digitaliseren van officiële overheidspublicaties?
“Het is bijzonder hoe dingen soms lopen. Soms weet je dat een project heel lang gaat duren en soms komt iemand een keer naar je toe met een eenvoudige vraag en voor je het weet ben je vijf jaar verder en dan zit je nog in dat project. Zo ging het hier ook mee.
Ik weet nog dat ik ben uitgenodigd voor een bijeenkomst in Den Haag. We zaten met een aantal mensen in een zaaltje. Lucien de Moor nam het woord en hij opperde om alle gemeentelijke verordeningen te gaan digitaliseren. ‘Zou het wat zijn? Zouden wij het als gemeenteambtenaren wat vinden als dat online te vinden zou zijn?’
Voor het realiseren van dat idee, dat iedereen alle verordeningen op één plek kan vinden, was wel financiering nodig. ‘Als je als gemeente mee wil doen’, zo vertelde Lucien, ‘dan teken je een overeenkomst voor 25 duizend euro. En dan krijg je, als het eenmaal gaat draaien, het recht om daar gebruik van te maken.’ Tytsjerksteradiel was de eerste gemeente die tekende en wij, Dordrecht, de tweede.”
Hoe ging dat digitaliseren van het verordeningenbestand?
“Voordat je verordeningen kan gaan digitaliseren moet je eerst weten wat je verordeningenbestand is. Destijds hadden we hier twee ordners in het archief staan en daar zaten, als het goed was, alle verordeningen in. Dat bleek natuurlijk niet zo te zijn. Bij het controleren of alle verordeningen nog klopten, kwamen we de meest bizarre dingen tegen.
Pas jaren nadat we dachten dat we klaar waren met alle verordeningen in beeld te brengen, kwam iemand aanzetten met een A5’je dat nog ergens in een la lag. Daarop stond een verordening met een lange titel gedrukt. Het bleek om een verordening uit 1954 te gaan, die te maken had met het recht van de gemeente om in te grijpen bij de uitbraak van de ziekte rode hond. Die was nooit ingetrokken, dus nog geldig.
Het was heel veel werk om al die papieren verordeningen uit de organisatie boven water te krijgen. Dat geeft wel het belang aan van hoe het nu is. Dat soort gekkigheid kom je niet meer tegen. Je moet het nog steeds actief bijhouden en je proces netjes inrichten. Maar als je dat doet, dan mag je er toch wel van uitgaan dat er veel goed gaat.”
Hoe heeft Dordrecht het consolideren van verordeningen ingericht?
“In het begin had ik nog geen idee waar ik bij betrokken was. Bij een van de bijeenkomsten ging het over consolideren. Ik dacht: ‘consolideren, wat is dat?’ Op een gegeven moment raak je erin verzeild en heb ik het idee enthousiast opgepakt, want ik zag in wat je er zelf en de buitenwereld mee zou kunnen. Maar daarmee ben je er nog niet. Het inrichten in de Dordtse organisatie heeft heel wat voeten in de aarde gehad.
Het consolideren op zichzelf is behoorlijk juridisch, je moet wel weten wat je doet en het gaat niet vanzelf. Dus wij hebben dat uiteindelijk bij onze centrale juridische afdeling belegd. Met name een van de collega’s is daar heel goed in; ze is heel precies en stelt veel vragen. Ook het proces na de gemeenteraad hebben we heel goed kunnen regelen. Zodra een verordening is vastgesteld, gaat die direct van de griffie naar het juridisch kenniscentrum. En voor beleidsregels en nadere regels hebben we dat vanuit het college van burgemeester en wethouders ook zo geregeld.”
Hoe heb je het contact met KOOP ervaren?
“Door de jaren heen hebben we de nodige hulp vanuit KOOP gehad. Die serviceverlening heb ik altijd gewaardeerd en heel bijzonder gevonden. Vanaf het begin hebben we ondersteuning gekregen bij het doormaken van het veranderproces en oprechte interesse ervaren in wat er speelt bij de gemeenten. Daar heb ik, tot op de dag van vandaag, altijd met respect en bewondering naar gekeken. Zo zitten niet alle Rijksorganisaties in elkaar.
‘Waar lopen jullie tegenaan? Waar hebben jullie behoefte aan als het gaat om doorontwikkeling?’ En dat ophalen elke keer weer. Ik vind het mooi dat die houding al die jaren is gebleven. Toen bekend werd dat KOOP onder Logius zou gaan vallen, heb ik aangegeven dat ik hoop dat jullie wel in staat worden gesteld om jullie unieke karakter overeind te houden in een grote organisatie. Tot nu toe is dat volgens mij behoorlijk gelukt.”
Dordrecht was een van de gemeenten in de kopgroep bij de uitrol van Berichten over uw Buurt rondom uw woonadres. Hoe heb je dat ervaren?
“Je had eerst alleen Berichten over uw Buurt rondom een zelfgekozen adres. In de rapportages die we daarover kregen zag je wel dat het aantal abonnementen omhoog ging naar zo’n 300.000, maar het schoot niet echt op. Het is wel een briljante gedachte om de mensen die een e-mailadres hebben achtergelaten bij MijnOverheid automatisch te gaan mailen. Want dan heb je ineens acht à negen miljoen mensen te pakken.
Maar hoe ga je dat [Berichten over uw Buurt rondom uw woonadres, red.] uitrollen? We kregen gelukkig weer dezelfde service vanuit KOOP, inclusief communicatietoolkit. Daar hebben we dankbaar gebruik van gemaakt. Later mocht ik daarover spreken op de Logius Roadshow. Ik had geen idee waar ik in terecht kwam; honderden mensen in de zaal, schijnwerper op je toet. Leuk dat je hierdoor in settings komt waarin je anders nooit in terecht zou komen.
Het gaat mij als juridisch controller om de juridische kwaliteit. Al de ontwikkelingen die ik heb gezien dragen daaraan bij. Niet alleen dat alle actuele verordeningen met een paar klikken te vinden zijn, maar ook Berichten over uw Buurt. Iedereen kan nu weten wat er in zijn omgeving speelt en wat er gaat gebeuren. En heeft ook de mogelijkheid om bezwaar te maken. Dat is zo’n verbetering ten opzichte van een aantal jaar geleden. Wie leest nou de aankondigingen in het huis-aan-huisblad?!”
Hoe zie jij de toekomst van het publicatieproces?
“Het product heeft zich al zo enorm ontwikkeld de laatste jaren. Ik ben heel trots op wat er staat. Ik denk dat het heel erg voorziet in een behoefte waarvan we misschien niet eens wisten dat we die hadden. Maar het is er nu wel en dat is hartstikke mooi.
Als ik dan toch iets moet noemen, dan misschien dat je iets makkelijker meer context kan vinden bij bepalingen in een verordening. Want als ik de memorie van toelichting wil hebben op een artikel, dan moet ik daar apart naar zoeken. Alleen de tekst van de wet of verordening is vaak niet voldoende om volledig antwoord te kunnen geven op een vraag. Je hebt bijvoorbeeld ook interpretatie of jurisprudentie nodig.
Iets anders wat handig zou zijn is locatiegegevens bij regels en regelingen. Als voorbeeld: naast de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) hebben we in Dordrecht ook de Biesboschverordening. Die regelt voor een groot deel hetzelfde als de APV, maar voor een deel net afwijkend. Je kan nu niet heel eenvoudig zien waar de APV ophoudt en waar de Biesboschverordening begint. Als dat wel zou kunnen, dan zou dat bijvoorbeeld ook de handhavers helpen om te bepalen waar ze welke verordening moeten handhaven.
Wat ik vooral hoop is dat steeds meer mensen lokaleregelgeving.overheid.nl en wetten.nl gaan vinden en het doel kan dienen waarvoor het voor bedacht is.”
Wat zou je de ambtenaar die dit leest mee willen geven?
"Koester wat we hebben, realiseer je wat het ons heeft gebracht en blijf meedenken over hoe het nog mooier kan worden. Iemand heeft ooit een ideetje gehad en heeft dat in een groepje gegooid en kijk waar we nu staan; hoe KOOP daaruit is gegroeid.
In driekwart van mijn werkzame leven heeft dit een grote rol in mijn werk gespeeld. Ik ben er trots op dat ik een steentje heb mogen bijdragen. Ik heb het zien groeien en ontwikkelen. Het geluk dat je zo’n ontwikkeling van zo nabij kan meemaken heeft niet iedereen. Dat is een mooie ervaring.”